Singraven

Op deze pagina vindt u informatie over Singraven.

Ligging Singraven ligt bij Denekamp.
Ontstaan Het huis is in 1381 voor het eerst genoemd.
Geschiedenis

De naam Singraven is al duizenden jaren oud. Het woord ‘sin’ werd al tijdens de vroege middeleeuwen bijna niet meer gebruikt. ‘sin’ staat in de betekenis van groot en krachtig.

Singraven zou dan ‘grote graven’ betekenen. Wanneer men kijkt naar de betekenis van het woord zou men in de buurt van Singraven grote menselijke graafarbeid verwachten. Je zou kunnen denken aan de gracht die vroeger langs het huis liep. Deze gracht heeft niet de omvang die de aanduiding ‘grote graven’ duidelijk maakt. Wanneer men kijkt in de omgeving naar menselijk graafwerk van enige betekenis dan zou dat op de Om - Bijdinkel kunnen duiden. Mogelijk heeft het oorspronkelijke boerenerve Singraven bij de Omdinkel gelegen. Volgens een ene meneer Döhmann meldt dat een daargelegen perceel vanouds de veldnaam ‘ Hof ‘ droeg. Daar stond in de 17 de eeuw  het huis van de familie Van Weleveld. Deze ‘hof ten Singraven’ zou dan als de agrarische oorsprong van het huidige Singraven kunnen gelden. Bij de bouw van een versterkt huis op een meer strategische plaats - de huidige locatie - zou het zijn oorspronkelijke naam hebben meegenomen. Een publikatie van jongere datum toont evenwel aan dat wat nu  de Omdinkel wordt genoemd in feite de oude loop van de Dinkel is. Ten behoeve van de bouw van de watermolen was een groter verval in de beek nodig, waartoe een afsnijding moest worden gerealiseerd. Het stuk beek vanaf de oude molen tot aan de samenvloeiing (sinds lang de Dinkel genoemd) is dan in feite de gegraven bedding.

Op 28 maart 1381 werd het Singraven voor het eerst vermeld door een zekere Wigbold de Kale die een vordering eist van het Singraven. Het werd vermeld in een protocol der zittingen van het leengerecht van de Utrechtse bisschop Floris van Wevelinghoven  Singraven was toen der tijd eigendom van de bisschop van Utrecht, die het als leengoed aan anderen in gebruik gaf. Het landgoed is dan in leen van de adel familie Awick.   

Nadat de familie Awick het landgoed Singraven gedurende achttien jaren had bewoond, namen de Hondenbergs het in 1398 over. 

In 1421 werd een versterkt huis gebouwd.

In het jaar 1505 neemt Frederik en Johan van Twickel het leengoed Singraven over. Hij was op dat moment drost van Diepenheim. Hij heeft het Singraven niet lang als leengoed. Op 26 oktober 1505 verkocht hij het aan een kloostergemeenschap in Oldenzaal.

Op 11 januari 1506 werd het leengoed van zijn leenplicht ontheven. Het Singraven blijft tien jaar in het bezit van de kloostergemeenschap, daarna koopt de Graaf van Bentheim het landgoed. Hij heeft het landgoed beschermd tegen de oorlogen. Tot het jaar 1915 komt het landgoed in verschillende handen terecht. Dingeldein meldt dat na 1830, toen de familie Roessingh Udink er woonde er verschillende verbouwingen hebben plaats gevonden. Er kwam onder andere een nieuwe voorgevel, deze had in plaats van zeven vensters nog maar vijf vensters. Nu in deze tijd zijn er weer zeven vensters.  Ook kwam er een aanbouw bij de noordzijde van het oude huis. Ook heeft het Huis Singraven 12 jaar leeg gestaan (1878 - 1890). Dit heeft het Huis Singraven geen goed gedaan. Het heeft er toe geleid dat pas in 1908 met een grote renovatie begonnen kon worden. In 1915 is de publieke verkoop van het Singraven. Het landgoed wordt dan gekocht door Jan Adriaan Laan. Hij komt uit de Zaanstreek en hij is lid van de Eerste Kamer. De heer Laan heeft twee kinderen, een dochter die in 1941 kinderloos sterft en een zoon die het huis tot zijn dood ( = 17 juli 1966) blijft bewonen. Hij bleef ongehuwd en zorgde ervoor dat tien jaar voor zijn dood, het Singraven in de Edwina van Heek stichting werd ondergebracht.

Volgens geruchten moest die wel, omdat anders ¾ deel van het landgoed verkocht had moeten worden om de successierechten te betalen. In de overdrachtsakte is vastgelegd dat het landgoed in de toenmalige staat moest worden gehandhaafd. De ontwerper A de Maaker heeft in de eerste helft van de twintigste eeuw verschillende ontwerptekeningen gemaakt voor het Huis Singraven. In 1921 onderging het Huis Singraven een grote uiterlijke verandering. Het dak werd vervangen en kreeg zijn oorspronkelijke hoogte terug. Het torentje in het midden van de noordgevel werd afgebroken en de hele gevel werd bekleed met een grijsachtig natuursteen die uit de groeven bij Gildehaus (Bentheim) kwam. Het werk van de Maaker werd ter nagedachtenis op een gedenksteen na de voltooiing in 1923 aangebracht.

Ondanks dat het huis er op dat moment heel fraai uitzag was de heer Laan niet geheel tevreden. Het feit dat het huis zo laag was bleef hem irriteren omdat het hierdoor minder imposant leek. Het huis ligt ook niet precies in het verlengde van de oprijlaan, dit kon Laan ook niet geheel tevreden stellen. In 1935 kwam hij met het idee om het oude huis geheel af te breken en een nog imposantere, iets meer naar achter liggende huis te bouwen. De Maaker stelde voor de bocht van de Dinkel als het ware af te snijden en weer net als vroeger voor het huis langs te laten stromen. Niets van deze grote ideeën gingen door. Wel werden er twee dienstwoningen gebouwd bij het hek van het begin van de oprijlaan  aan de Ootmarsumerstraat. Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft Laan nog in een van deze twee poortwoningen gewoond toen de Duitsers Huis Singraven bezet hadden. Na de bevrijding herbergde het Britse troepen. Na deze tijd was er een grondige opknapbeurt nodig voor het Huis Singraven (1954 – 1958) Ook werd het vochtprobleem aangepakt waar het Singraven altijd al mee te kampen had. 

Het spook van het Singraven
In het voorgaande staat al beschreven dat het Singraven tien jaar lang een klooster is geweest. Het verhaal luid dat een non die regelmatig omgang had met dorpelingen, onkuis bevonden werd door de andere nonnen. Na een schijnproces wordt ze levend ingemetseld in een muur van het klooster (dit scheen wel eens vaker te gebeuren in die tijd  1506 ).  

Haar gekrijs en jammerklachten waren dagen lang te horen, tot dat het moment kwam dat het stil werd. Maar dat werd het absoluut niet. Vanaf dat moment is het gaan spoken op het Singraven. Haar geest dwaalt vanaf toen rond op het Singraven. Regelmatig zou ze boven het spattende water van de watermolen gezien zijn en haar geest zou ongeluk geven aan de bewoners van het Singraven. Dat dit niet verzonnen is blijkt wel, want in 1878 wilde de toenmalige bewoner Hendrik Jan Roessink Udink na een diner een sigaar opsteken. Hij struikelende over een brandende olielamp en in een paar seconden stond hij helemaal in brand.

Ze hebben hem al brandend in de Dinkel gegooid maar hij is een dag later aan zijn verwondingen overleden. Verder werden verschillende vroegere eigenaren door geldproblemen  geteisterd, waarvan sommige aan de drank raakten. Moderne paragnosten van het programma 'Het Zwarte gat' hebben het huis onderzocht. De paragnosten hebben een hond waargenomen die dwars door de muren en gesloten deuren zweefde. In de jaren twintig heeft men een lege ruimte achter een muur aangetroffen. Het schijnt zo te zijn dat daar iets gevonden is wat men tot nu toe nog niet bekend heeft willen maken.

Ook nu nog waakt de geest van de non over het Singraven. Soms zweeft ze vormloos tussen de witte nevel  boven de Dinkel, of men ziet haar achter een venster staan van het Huis Singraven. Door deze legende heeft het huis ook een bijnaam gekregen, namelijk Het Zwarte Huis.

Het land goed is tegenwoordig ongeveer 600 ha groot. Ook horen nog een zevental pachtboerderijen, waarvan er vijf zijn getooid met rood/wit met groen omrande blinden, met daarin blauw/gele cirkel, de wapenkleuren van het Singraven.

De watermolen en het arboretum Hagelmeien behoren ook tot het landgoed. De heer Laan heeft dit gedeelte in 1923 laten omvormen tot arboretum. De bekende tuinarchitect Leonard Springer heeft dit aangelegd. Springer heeft ook het arboretum Poortbulten bij De Lutte aangelegd.

In de buurt van het huis bevindt zich een van de twee Reigerkolonies in Twente (de andere bevindt zich op landgoed Twickel) Dit is niet echt toevallig. Het is bekend dat de adel Reigers als lekkernij beschouwen en zij ook het recht hadden om op deze mooie vogels te jagen.

Tot de toegankelijke bossen van het Singraven behoren o.a. het Borgbos en het Harseveld.  

Het landschap van het Singraven trok ook bij bekende schilders de aandacht. Met name de watermolen van het Singraven trekt veel bekijks. De Dinkel was een goede bewegingsmotor voor watermolens. Het kon gebruikt worden voor koren en olie en om hout te zagen.  

Bewoners Nadat de familie Awick het landgoed Singraven gedurende achttien jaren had bewoond, namen de Hondenbergs het in 1398 over. In 1505 werd Singraven een zogeheten vrij edel goed en stond gedurende tien jaren ter beschikking van de Oldenzaalse Begijnen. Vervolgens woonden er o.a. de graven van Bentheim, Adellijke geslachten als Sloet en De Thouars.
Huidige doeleinden
Toegankelijk Huis Singraven en de Watermolens zijn in het zomer seizoen opengesteld voor bezichtiging.

Kaarten hiervoor alsmede de eventueel gewenste informatie zijn te verkrijgen in het restaurant "De Watermolen.

Wandelen rond Singraven (uit Trouw)

Foto's Foto 1 (voorkant)
Foto 2 (voorkant)
Foto 3 (voorkant)
Foto 4 (voorkant zwart/wit, ansichtkaart van rond 1900)
Foto 5 (voorkant zwart/wit, 1910)
Foto 6 (voorkant, 28 augustus 1988)
Foto 7 (voorkant, 28 augustus 1988)
Foto 8 (voorkant, 21 september 1990)
Foto 9 (voorkant, 1998)
Foto 10 (voorkant)
Foto 11 (voorkant)
Foto 12 (voorkant)
Foto 13 (voorkant)
Foto 14 (voorkant)
Foto 15 (voorkant)
Foto 16 (voorkant)
Foto 17 (voorkant)
Foto 18 (zijkant)
Foto 19 (detail)
Foto 20 (detail)
Foto 21 (linker poorthuis)
Foto 22 (koffiekopje met afbeelding, 1857)
Foto 23 (watermolen bij landgoed)
Foto 24 (watermolen bij landgoed)
Foto 25 (watermolen bij landgoed, 1920)
Foto 26 (watermolen bij landgoed)
Foto 27 (watermolen bij landgoed)
Foto 28 (schilderij watermolen bij landgoed, door Meindert Hobbema, hangt in Londen)
Foto 29 (schilderij watermolen bij landgoed, door Meindert Hobbema, hangt in Parijs)
Foto 30 (watermolen bij landgoed)
Tekening 1 (tekening C. Pronk, 1729)
Tekening 2 (tekening C. Pronk, 1730)
Tekening 3 (plattegrond, ca. 1740)
Bronnen Tekst: Huis Singraven / Jhr. A.J. Gevers en Js. Mooijweer, 1991; Waanders Uitgevers, Zwolle; ISBN 90-6630-275-5, Kastelen, havezaten en landhuizen in Overijssel in oude ansichten / A.I.J.M Schellart, 1974, http://home.hetnet.nl/~robert73/huis_singraven.html (niet meer bereikbaar) en http://www.watermolen-singraven.nl/
Foto 1: Voorkant van het boek Huis Singraven
Foto 2: http://www.twenteroute.nl/
Foto's 3, 13, 19, 20 en 23: http://www.uitgaanstips.com (uit de lucht)
Foto 4: Kastelen, havezaten en landhuizen in Overijssel in oude ansichten / A.I.J.M Schellart, 1974
Foto's 5, 9, 12, 24 t/m 26, 28 en 29: http://home.hetnet.nl/~robert73/huis_singraven.html (niet meer bereikbaar)
Foto's 6 t/m 8: Albert Speelman
Foto 10: http://www.huwelijk.nl/
Foto 11: http://www.watermolen-singraven.nl/
Foto 12: http://krant.telegraaf.nl/
Foto's 13 en 30: http://www.a1.nl/gemeenten/pr-boek.htm
Foto 14: http://www.telegraaf.nl
Foto 15: http://www.natuurlijk.nl
Foto 16: http://www.twente.nl
Foto 17: http://www.home.zonnet.nl/verhulst/twente.htm
Foto 18: http://home.introweb.nl/~shd/

Foto's 21 en 27:
Peter van der Wielen (zijn collectie is in bruikleen bij de NKS)
Tekeningen 1 t/m 3: http://home.hetnet.nl/~robert73/huis_singraven.html (niet meer bereikbaar)

Zie ook http://kastelen.startpagina.nl!